Het Oostblokboek
Een reis langs de sporen van het communistische verleden

Communistische Sjopska salade en meer

Voedsel inslaan in het ex-Oostblok was vaak een ware martelgang. Je ging een winkel binnen, keek wat je wilde kopen. Dat werd na een blik op de muurplanken of toonbank van de winkel al snel ‘kjjken wat je kon kopen’, rap naar de rij bij de chagrijnige kassière, bonnetje kopen en weer snel in de tweede rij voor het karige voedsel. Met een beetje pech was dat op voordat je aan de beurt was, en kon je weer terug om een nieuw bonnetje te kopen.

De Bulgaarse journaliste Albena Sjkodrova schreef een bomvol boek over alles wat met socialisme en eten te maken heeft. Ze beperkte zich tot Bulgarije en noemde het boek ‘Sots gourme, de curieuze geschiedenis van de keuken in de volksrepubliek Bulgarije’. Het was een kleine hit in Bulgarije. Ze presenteerde het zondag 15 maart voor de Bulgaarse migranten in Amsterdam.

Het boek staat vol fantastische, absurde en soms droevigstemmende verhalen. Shkodrova dist al wat langer bekende verhalen op. Zoals dat van de befaamde Bulgaarse sjopska salata. De salade van tomaten, komkommer en witte kaas heeft niets te maken met de regio van de Sjoppen (ten zuidwesten van Sofia), maar is een communistische uitvinding uit de jaren vijftig, bedacht door Balkantoerist en bedoeld om meer toeristen te lokken door ze iets ‘typisch Bulgaars’ aan te bieden. Dat de salade precies uit de kleuren van de Bulgaarse vlag bestaat, was mooi meegenomen.
цовер сотс гурме
Maar Sjkodrova geeft ook een nieuwe kijk op zaken. Dat Bulgarije het eerste ‘sots-land’ was waar je de echte Amerikaanse Coca Cola kon kopen – al in 1965 – heeft volgens de overlevering te maken met een vergissinkje van dictator Todor Zjivkov. Die zou per abuis gezegd hebben ‘laat maar komen die coca cola’ toen een medewerker dit voorstelde.

Die medewerker was naar Parijs gestuurd om daar inspiratie op te doen voor Bulgaarse priklimonade bij het concern dat Fanta produceerde, maar dat Fanta en het icoon van het verderfelijke westen in één en dezelfde fabriek gemaakt werden, daar kwam hij pas achter toen het al te laat was en enthousiaste Fransen al zo goed als een deal met de Bulgaar gesloten hadden. Andere sots-landen experimenteerden in die tijd liever nog met hun eigen cola, zoals Kofola.

Sjkodrova laat zien dat het ‘ja’ tegen de cola niet out of the blue kwam, maar dat hier waarschijnlijk door de communistische partij in die tijd politieke contacten werden gelegd die later van pas zouden kunnen komen. De medewerker kwam er met de schrik vanaf, alhoewel hij in de jaren daarna nauwgezet gevolgd werd door de Staatsveiligheidsdienst. Hij zou in de jaren zeventig al een 250 pagina’s tellend dossier hebben gehad.

In het boek staan tal van dit soort wetenswaardigheden. Met soms hilarische plaatjes. Een stenen bord met het glimmende geëmailleerde hoofd van Todor Zjivkov. Dat moet er mooi uitgezien hebben na een broodje met rode tomatenpasta, de befaamde Bulgaarse ljoetenitsa. En meer van dit soort ongein. Sjkodrova stelt ook de vraag waarom de winkels in die tijd bijna altijd leeg waren en hoe dit het jagen op voedsel tot een ware hel kon maken. Het antwoord is ingewikkeld en lang, maar boeiend om te lezen. Vooralsnog kunnen alleen degenen die het Bulgaars beheersen, dit doen. Maar de journaliste werkt aan een Engelse versie. Wordt vervolgd.


Volg Oostblokboek.nl op twitter of facebook om op de hoogte te blijven, of nog makkelijker: ontvang een e-mail.
Hellen Kooijman

Over Hellen Kooijman

Hellen Kooijman (1968) is Bulgarijekenner en journalist. Ze studeerde Oost-Europese Studies en schreef diverse boeken, waaronder In Bulgarije. Een vertwijfelde natie op weg naar Europa (2006). Hellen publiceert tevens artikelen over Bulgarije in Nederlandstalige tijdschriften. In haar vrije tijd is ze hoofdredacteur van Donau, een tijdschrift over Midden- en Oost-Europa.